Het immuunsysteem in het kort

Iedereen heeft een immuunsysteem maar hoe komt het dat dat systeem niet bij iedereen hetzelfde werkt. Hoe kan het dat één persoon, bij bv. een verkoudheid, na een paar dagen weer op de been is terwijl een ander hier nog weken last van heeft?
Het immuunsysteem is een beveiligingssysteem dat d.m.v. allerlei alarmsystemen probeert indringers buiten te houden en als ze toch binnen zijn gekomen, door een lek in de beveiliging, ze z.s.m. aan te pakken.
De eerste stap in de beveiliging zijn de lichaamsbarrières, te vergelijken met hoge hekken rondom een huis. Bij de mens bestaan deze hekken o.a. uit:
1) De opperhuid. Deze huid is in principe ondoordringbaar.
2) Zweet- en talgklieren scheiden stoffen af om de huid een bepaalde pH (zuurgraad) te geven. Deze zuurgraad is funest voor bepaalde bacteriën. Vaak met zeep wassen lijkt dus niet zo’n goed idee omdat je hiermee de zuurgraad aantast. Je maakt een gat in het hek waardoor de beveiliging al iets zwakker wordt.
3) Speeksel, slijm, traanvocht kunnen bacteriën uitspoelen. Door hoesten en niezen worden stoffen met flinke kracht eruit gegooid. Het is dus goed om dat te doen. Deze indringers stuur je, met geweld, de straat uit.
4) Via de urinewegen spoel je stoffen, ook de slechte, je lichaam uit.
5) Vagina, ook deze kent een bepaalde pH waardoor afgerekend wordt met ziektekiemen. Ook hier is het verstandig deze niet te willen veranderen.
6) Het maagslijmvlies produceert sappen die in staat zijn ziektekiemen (pathogenen) te doden. Veel mensen gebruiken maagzuurremmers. Hiermee verzwak je de beveiliging en geef je bepaalde ziektekiemen de gelegenheid binnen te komen.
7) In de darmen leven bacteriën die, als het goed is, een mooie samenwerking hebben. Een groot deel van het immuunsysteem bevindt zich in de dikke darm. Heel belangrijk dus om de beveiliging daar goed op orde te hebben. Dit doe je door o.a. veel vezels van groente en fruit te eten, weinig tot geen suikers etc. Oftewel: gezonde voeding. Slechte voeding kan leiden tot een slecht microbioom. Een slechte samenwerking tussen de darmbacteriën.
Voor het immuunsysteem in het algemeen zijn zink, vitamine C, vitamine D, weinig stress en goede nachtrust belangrijk.
In bovenstaande zie je dat de hekken gedeeltelijk open kunnen staan waardoor indringers de boel binnen de hekken kunnen verstoren. Je hebt hier zeker invloed op.

Nu gaan we kijken wat er gebeurt als ze binnen zijn gekomen en in de tuin staan of het huis binnengaan.
Het immuunsysteem heeft een flink aantal beveiligers in dienst, met diverse specialisaties. Dit deel van het immuunsysteem heet ook het aangeboren immuunsysteem.
Als er een indringer is wordt dit systeem direct geactiveerd. Er wordt gekeken: hebben we deze indringer vaker gezien of is dit een nieuwe? Als het immuunsysteem de indringer kent, weet het er snel korte metten mee te maken. Is het een nieuwe indringer, dan zal het systeem alles uit de kast trekken om met de indringer af te rekenen. De kenmerken van de nieuwe indringer worden opgeslagen in het adaptieve immuunsysteem zodat deze indringer de volgende keer ook snel aangepakt kan worden. We denken bij deze indringers vaak aan ziektekiemen maar ook als we eten, komt het immuunsysteem even kijken of alles wel in orde is.
De beveiligers van het aangeboren immuunsysteem, die je ook weleens op uitdraaien van bloedtesten ziet staan, zijn o.a.:
– Neutrofiele granulocyten: een groot deel van je witte bloedcellen zijn neutrofiele granulocyten. Zij zijn opgeleid om naar infecties te gaan en daar af te rekenen met de aanwezige ziektekiemen (pathogenen)
– Basofiele granulocyten: deze hebben als specialisatie allergieën
– Eosinofielen granulocyten: dit zijn de specialisten in het doden van parasieten
– Natural killer cellen: kunnen o.a. cellen aanpakken waarin zich een virus bevindt
– Macrofagen: deze beveiligers flink opruimen bv. Resten van dode cellen.
– Antigen Presenting Cell is degene die aan het adaptieve immuunsysteem informatie afgeeft/opvraagt over een (nieuwe) indringer
In bovenstaande en deel 1 dat ik hierover schreef, staat slecht heel beknopt iets over een ongelooflijk slim systeem. Het immuunsysteem is een systeem dat veel energie kost, je wil dus eigenlijk niet dat dat de hele dag (en nacht) staat te draaien. Als dat wel het geval is, ben je vaak moe en heb je veel zin in koolhydraten en vooral suikers. Je immuunsysteem draait nl. op glucose. Om niet alle energie naar het immuunsysteem te laten gaan, is het dus belangrijk dat we het immuunsysteem zo veel mogelijk rust gunnen. Dit doe je door een goede nachtrust, zo veel mogelijk natuurlijke voeding, dus onbewerkt, en door zo min mogelijk stress. Soms kan het goed zijn e.e.a. (tijdelijk) aan te vullen met voedingssupplementen. Laat je hier bij adviseren door een deskundige. Dit is een investering die zichzelf uiteindelijk terugbetaald.
Je ziet hoe belangrijk een goed werkend immuunsysteem is als je kijkt naar de functie van de Natural Killer Cellen, degene die de virushoudende cellen aan moeten pakken. Als dit een nieuwe indringer is, zal het immuunsysteem dus alles uit de kast halen. Je kunt dan ook flink ziek zijn. Het adaptieve immuunsysteem noteert de gegevens van dit virus zodat je de volgende keer misschien nauwelijks merkt dat dit virus binnen is, omdat het een bekende is en men weet hoe deze snel een toontje lager te laten zingen.

Post navigation

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.